windmolens negatief effect op woningprijs

Hogere windmolens hebben negatiever effect op huizenprijzen

De prijsontwikkeling van woningen die op maximaal 2 kilometer afstand van een windmolen van ten minste 150 meter hoog staan, blijft gemiddeld 5 procent achter ten opzichte van woningen zonder windmolen in de buurt. Dit blijkt uit onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam en Universiteit van Amsterdam in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Dit onderzoek naar het effect van windmolens op huizenprijzen is gedaan met behulp van huizenprijsinformatie van de NVM en brainbay. Naast het uitvoeren van onderzoeken in opdracht van NVM ondersteunt brainbay ook wetenschappelijk onderzoek dat van meerwaarde is voor makelaars en taxateurs.

Effect windmolens op huizenprijzen

Universitair hoofddocent stedelijke economie Hans Koster over de onderzoeksresultaten die hij samen met zijn UvA-collega Martijn Dröes heeft gepubliceerd in het rapport Windturbines, zonneparken en woningprijzen: “We vonden vergelijkbare effecten met een eerdere studie, maar de afgelopen acht jaar is het effect sterker geworden. Daarvoor zijn twee mogelijke redenen aan te voeren: het heeft te maken met de hoogte van de windmolens of met veranderende perceptie van huishoudens. In de perceptie van windmolens zien we niet hele grote veranderingen – wel in de hoogte van windmolens.”

In 2000 waren turbines qua tiphoogte gemiddeld 80 meter, terwijl dit gemiddelde rond de 140 meter is in de periode 2013-2019. De hoge turbines hebben dan ook sterkere negatieve effecten op woningwaardes. Een turbine van 100m binnen 2 kilometer van een woning heeft een effect van rond de 2%, terwijl een turbine van >150m binnen 2 kilometer van een woning leidt tot een woningwaardedaling van gemiddeld rond de 5%.

Deze resultaten sluiten aan bij een onderzoek dat de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) eerder dit jaar publiceerde over de prijsontwikkeling van woningen met uitzicht op de nog te ontwikkelen windparken N33 en De Drentse Monden Oostermoer.  Resultaten in dit rapport suggereren gematigde tot substantiële prijsdalingen tot 10 procent, maar de resultaten zijn statistisch niet betrouwbaar, omdat er naar toekomstige parken wordt gekeken.

Ruimtelijke inpassing

Volgens Koster zijn deze onderzoeken belangrijk, vanwege de impact van de energietransitie op de maatschappij. “Om te kunnen voldoen aan het Klimaatakkoord moet er veel wind en zonne-energie op land worden opgewekt. Die masten en zonneparken hebben effect op de leefomgeving. Daarom is het belangrijk om te zorgen voor een goede ruimtelijke inpassing in samenspraak met de omgeving. Dat goede ruimtelijke inpassing belangrijk is, blijkt ook uit protesten van omwonenden. Dat suggereert dat er echt wat aan de hand is; dat mensen bezorgd zijn en dat ze die windmolens liever niet in hun achtertuin hebben. Dit geldt overigens niet alleen voor windturbines, maar ook voor andere ruimtelijke ingrepen, zoals de aanleg van snelwegen of stedelijke vernieuwingsprojecten.”

Klik hier voor het volledige onderzoeksrapport ‘Windtribunes, zonneparken en woningprijzen’ door Martijn I. Dröes & Hans R.A. Koster